Kindertuinen

Moestuinieren is helemaal in. Niet alleen de vraag naar volkstuinen neemt toe (vooral van jonge gezinnen en moeders met kinderen!) maar ook zie je in veel steden en dorpen dat een groepje bewoners in de wijk aan de slag gaat met een buurttuin: leuk, lekker en het is goed voor de onderlinge contacten. Wat wil je nog meer!
En: je weet weer waar je eten vandaan komt en hoe het groeit.

Niet in een zakje in de supermarkt, daar kom je al snel achter!

Maar moestuinieren gaat niet (helemaal) vanzelf. Het weer (te nat, te droog, te droog, te warm) speelt een rol maar ook je eigen vakman/vrouwschap.
Voordat je de fijne kneepjes, uit eigen ervaring opgedaan, helemaal onder de knie hebt is er een aantal jaren verstreken, maar geen nood!

Het Bultparkcomité is van plan om najaar 2014 zo mogelijk een paar voorbeeldtuinen aan te leggen. Kleine tuinen, voor kinderen en voor mensen die wel eens wat willen uitproberen. Er is inmiddels een handleiding gemaakt voor jonge, wat oudere en nog oudere starters.

Overzichtelijk, gemakkelijk te lezen en vol tips en trucs. Met die handleiding bij de hand kun je in ieder geval aan de slag en met een flinke kans op succes.
Ook is er een verhaaltje gemaakt over vruchtwisseling: wat zet je waar en waarom is het goed om niet ieder jaar dezelfde gewassen op dezelfde plek te zetten?

Voor iedere geïnteresseerde zijn de teksten “Kindertuinen” of “Vruchtwisseling” te tonen om gratis te downloaden of af te drukken.

En ben je dat van plan? Bekijk dan meteen de andere items van de onze site! Ook als je geen Bultparkrandbewoner bent biedt de site leuke informatie.
Wie weet kun je ermee aan de slag in je eigen wijk of buurt!


 Zie hier een gedeelte uit de tekst “Kindertuinen”. Om de complete tekst te tonen, klik op de button Tonen


KINDERTUINEN (BIJ HUIS EN BIJ SCHOOL)
TIPS EN TRUCS
 De meeste kinderen vinden het hebben van een kindertuin fantastisch. Vieze handen, een drup aan je neus,
 lekker buiten zijn en wroeten in de grond. En: de allerlekkerste groenten en de allermooiste bloemen blijken 
 zomaar in je eigen tuintje te groeien!6 Gereedschap
 In deze TIPS EN TRUCS lees je er van alles over.
 Een samenvatting van de inhoud.
 1.OM TE BEGINNEN
 Wat is er zo leuk aan een kindertuin en hoe groot kun je die tuin maken? Is er ruimte in de 
 buurt van de school waar je wat mee kunt?  Is er een hoek van de gewone grote mensentuin 
 die geschikt is om een kindertuin aan te leggen?
 2. DE VOORBEREIDINGEN
 Als je een of meer kindertuinen wilt aanleggen waar moet je op letten? Aandacht voor de locatie 
 (zon en schaduw, droogte en nattigheid, afrastering,grond en grondbewerking. 
 Waar kies je voor en wat is een slimme keuze? Ploegen? Frezen? Spitten?
 3. AAN DE SLAG
 In dit hoofdstuk volop handige tips en trucs. Waar moet je op letten.........

 Zie hier een gedeelte uit de tekst “Vruchtwisseling”. Om de complete tekst te tonen, klik op de button   Tonen


VRUCHTWISSELING OP KINDERTUINEN BIJ SCHOOL EN BIJ HUIS
1.V R U C H T W I S S E L I N G
Dit verhaal gaat over vruchtwisseling. Vruchtwisseling betekent dat je planten niet steeds op dezelfde 
plek zaait en poot.
Waarom vruchtwisseling? 
Planten nemen voeding op uit de grond, iedere plantengroep (kijk op bladzijde 2) heeft zijn eigen voorkeuren.
Planten trekken ook dieren aan die bijvoorbeeld de groei kunnen beperken.
Door planten niet steeds op dezelfde plek te zaaien of te poten voorkom je dat er een tekort ontstaat 
aan bepaalde voedingstoffen (dat tekort noem je ‘uitputting van de grond’. Door bemesting kun je bepaalde 
tekorten overigens wel weer aanvullen). Ook beperk je de schadelijke invloed van bodemdiertjes, 
zoals aaltjes, omdat ook die gebonden zijn aan plantengroepen. 
Als planten steeds een ander plekje krijgen breidt het aantal aaltjes zich niet uit.
WEETJE
VOEDINGSTOFFEN
Planten zijn opgebouwd uit voedingsstoffen (vakmensen onderscheiden mineralen, zouten en spore – elementen. 
Moeilijke woorden: onthouden is goed, vergeten niet erg). Voor een deel worden die voedingsstoffen, 
opgelost in water, opgenomen via de wortels en voor een deel wordt de voeding gemaakt in groene plantendelen 
(die soms ook een andere kleur hebben), met name in de bladeren. Planten, die dood gaan én het blad dat in de 
herfst van bomen en struiken valt, wordt verteerd door grote en kleine dieren,door bacteriën en schimmels. 
Een belangrijke afvaleter, die je vast wel kent, is de regenworm. Soms zie je half verrotte blaadjes rechtop in de 
grond staan: dat is werk van een regenworm, die het blaadje steeds verder de grond in trekt en opeet.